dodge

Dodges + Jeep

Kampement in Courseuilles Sur MerNormandie.

Ons kampement



Arromanches





Normandie 2009 reisverslag

 

Na een paar maanden van voorbereiding is het dan zover: we reizen af naar Normandië voor D-day 2009. De colonne bestaat uit twee oorlogsvoertuigen met aanhangers en een moderne auto met caravan. Een bont gezelschap, variërend van 4 tot 62 jaar, waarbij de dames veruit in de minderheid zijn. De rolverdeling is daarmee wel duidelijk. Na een voorspoedige reis van ruim twee dagen arriveren we in Courseulles sur Mer bij de camping waar we ons aansluiten bij enkele andere “groene vrienden”. Gezamenlijk bouwen we een gedegen bivak op. De camping wordt langzaam maar zeker steeds groener. Ongeveer driekwart ervan is gevuld met groene voertuigen en bij passende bivaks. De herdenking kan beginnen.

Het weer is prachtig, dus we zijn blij dat we geen vol programma hebben. Zo kunnen we ook van het mooie weer (en het strand) genieten en lekker, met onze zoon, in de speeltuin spelen. In 2004 namen we actief deel aan een aantal defilés en andere officiële plechtigheden, maar dit keer maken we de festiviteiten voornamelijk als toeschouwers mee. Een totaal andere beleving. Tijdens onze eerste dag in Courseulles verkennen we de camping en het strand. Ondertussen komen we bij van onze reis en breiden we ons bivak verder uit. De volgende dag gaan we “een dorp verderop”: eerst naar Arromanches, voor een ritje op het strand. Daarna naar de Batterie Falaises de Marigny, een van de vele plekken langs de kust waar zwaar gevochten is. Tussen de bunkerresten is het jaren later goed toeven voor een picknick. ’s Middags in Arromanches een van de vele musea bezocht en daarna naar het strand van Courseulles om de landing van enkele Ducks uit Engeland bij te wonen.

De dag daarna, het is inmiddels 3 juni, hebben we het Museum Juno Beach Center bezocht. In 2004 was het herdenkingscentrum net gereed gekomen, maar hadden we geen gelegenheid om het te bezoeken. Nu gelukkig wel. Het herdenkingscentrum vertelt de verhalen van de Canadezen die op Juno Beach zijn geland en er gevochten hebben. We laten de indrukken eerst bezinken op het strand voordat we ons weer in het hedendaagse leven storten. Op  een gedenkplaat in de duinen staat de illustere zin uit het gedicht van Verlaine waarmee de invasie werd aangekondigd. We herkennen de tekst uit de film…. ’s Middags nog weer even rondgesnuffeld in het stadje. Leuk om een winkeltje te ontdekken dat mijn naam draagt.

Op 4 juni gaan we met een groot aantal voertuigen een historische route rijden: een deel van de tocht die de Canadezen op 6 juni 1944 hebben gemaakt. Uiteindelijk komen we uit bij Pegasus Bridge, de plek die nog steeds als eerste door de geallieerden werd bevrijd. Ook hier bevindt zich een museum dat de moeite van het bezoeken zeker waard is, maar het is er zo druk dat we dat maar overslaan. Na de picknick rijden we door Ouistreham waar zich La Grande Bunker bevindt. Het staat aan de rand van het centrum, temidden van de huizen. In de oorlog was het een gigantische bunker van de Duitsers; nu –hoe kan het ook anders- een museum.

De volgende dag reizen we af naar La Cambe voor een bezoek aan een Duitse begraafplaats. Het is er erg druk want er vindt een ceremoniële bijzetting plaats van het lichaam van een Duitse soldaat die recentelijk is gevonden. Toch wel bijzonder om dit moment mee te maken. Die Duitser was dus nog niet zo lang geleden gevonden op een plek waarvan men nooit geweten heeft dat daar een Duits bolwerk had gestaan. Kort geleden is de Battery Maisy bij Grand Camp Maisy ontdekt. Een enorm bunkercomplex met loopgraven dat, hoe mysterieus, onontdekt is gebleven tot enkele jaren terug. Normandië heeft er een toeristische trekpleister bij! Vervolgens ging de reis naar Saint mere Eglise. Omdat we daar niet goed de festiviteiten kunnen bereiken vanwege de enorme drukte zijn we doorgereden naar Saint Marie du Mont. Op het marktplein stonden voertuigen te show en toen we er net waren, kwam een grote optocht aan voertuigen met veel uiterlijk vertoon het centrum in rijden. Wat een mooi gezicht! Er werd ook een re-enactment-act opgevoerd. Mooi om te zien; vooral de authenticiteit van de voertuigen, kledij en wapens (!) spreekt erg tot de verbeelding. Het gaat hier om met name de Amerikaanse bevrijders, maar terwijl ons hart meer bij de Canadezen ligt, zijn we onder de indruk van wat we allemaal zien. Zo het een zichzelf respecterend dorp betaamt, is hier ook meer dan een museum te bezoeken.

Aan het eind van de middag doen we mee aan de optocht van Courseulles naar Bernieres sus Mer, met aldaar een static show. Er zijn veel voertuigen gemobiliseerd en men heeft zich flink opgedoft, maar het aantal toeschouwers is niet zo heel groot. Het lijkt erop dat door de plaatselijke autoriteiten niet zoveel ruchtbaarheid is gegeven aan de optocht, maar dat mag de pret niet drukken. Wij vermaken ons wel, want er is in Bernieres genoeg te zien. Vooral het Engelse kamp is interessant. En zelf zijn we ook bezienswaardig, met voertuig en rok. De nationale feestrok kan historisch gezien nog niet, maar hij valt wel op tussen al het groen. En ook ons binkie met z’n blonde krullen trekt de nodige aandacht.

Zaterdag 6 juni, de dag der dagen, the longest day, D-day! Terwijl een deel van ons gezelschap zich naar het centrum van Courseulles begeeft voor hedendaags vermaak (shoppen en ijs eten), gaat een ander deel van het gezelschap nog wat historie opdoen op de Canadese begraafplaats. Vervolgens wordt er een tochtje over de stranden gereden, naar het centrum van Courseulles. Op het strand staat een aantal Ducks opgesteld en velen maken van de gelegenheid gebruik om hier een tochtje mee te varen. Intussen vindt op het dorpsplein een van de ceremonies plaats. Karakteristiek hiervoor is de begeleiding door de doedelzakken. We zijn het zowaar gaan waarderen. ’s Avonds vindt de grote fakkeloptocht door het centrum van Courseulles plaats, iets waar iedereen naar uitkijkt, zowel de (bij)rijders als de bewoners. Helaas gooit het weer roet in het eten. Het is de hele week mooi weer geweest, maar nu regent het behoorlijk. Erg jammer, maar de tocht wordt gereden. Ondanks de regen staan er met name in het centrum vele toeschouwers.

De dag erna ruimen we eerst het bivak grotendeels op en daarna gaan we naar Port en Bessin. Eerst brengen we een bezoekje aan het wrakkenmuseum. Een tank ziet er niet meer uit als –ie een poosje in het zoute water heeft gestaan! Daarna lekker struinen door het stadje. En natuurlijk allerhande inkopen doen: lokale of bijzondere etenswaren en dranken en de nodige souvenirs worden ingeslagen om mee te nemen naar huis. Opvallend is het verschil tussen voor en na 6 juni: voor die tijd is alles in opperste feeststemming, maar daarna beslist niet meer. Een verschil van dag en nacht. We komen nog twee dames tegen in feestelijke bevrijdingsuitdossing, maar zij zijn echt uitzondering. Als afsluiting gaan we ’s avonds nog maar weer eens met elkaar BBQ-en. De week is voorbij gevlogen.

Op 8 juni beginnen we aan de terugreis. Wat een contrast met de heenreis: nu regent het constant! Superslecht weer en ook nog eens enorme files, waardoor we uren vertraging oplopen. Maar gelukkig hebben we onderweg nog steeds wel veel bekijks. Een groot deel van de specialiteiten die we in Port en Bessin hebben gekocht (met name de chocolade met smaakjes als lavendel, groene thee en rozen) wordt onderweg genuttigd. Vanwege de regen voelt alles wat kil aan, dus de meegebrachte calvados is van harte welkom. Langzaam kicken we af van D-day.